Per toeval, aleendhoewel dat niet schijnt te bestaan, kwam ik op de site van de Taalunie bij een artikel over de problematiek bij het aanleren van de juiste werkwoordsvormen. Ik ontkom er zelf niet aan moet ik met het schaamrood op de kaken bekennen. Tien keer kan ik een tekst lezen en toch gebeurd het wel eens. Soms tip ik anderen, heel decent, over een vrijage met het spellingduiveltje. Sinds onderzoek heeft uitgewezen dat ik dus een naar mens moet zijn, laat ik het wijselijk. Schouderophalend en ondertussen een mantra neuriënd vanwege het moeten loslaten,  lees ik over ‘het gebeurd, ik houdt, hij word’ heen.  Het lukt. Maar hoe komt dat nou?  Het schijnt dat zelfs getalenteerde auteurs er last van hebben. Volgens het artikel is er sprake van een verwervingsprobleem en van een verwerkingsprobleem. In het eerste geval zijn, vooral voor jonge spellers, de regels te abstract en in het tweede geval gaat het om homofone vormen:  vormen die eenzelfde uitspraak hebben maar toch verschillend worden gespeld. Vooral de niet-hoorbare verschillen leiden tot problemen.
Hoe komt dit nou?

  1. De correcte spelling van homofone vormen vereist een morfologische en syntactische analyse.
  2. Homofone vormen kunnen op twee manieren gespeld  worden waardoor  de speller de twee spellingsvormen onderling kan verwarren.

Ter geruststelling: “In elk geval kan men uit een werkwoordsfout niet afleiden dat de speller de vereiste grammaticale kennis niet beheerst of dat hij minder intelligent zou zijn.”  Fijn om te weten.

Voor het hele artikel: http://taalunieversum.org/onderwijs/onderzoek/publicatie/420

Tevens is hier het boek Het schoolvak Nederlands opnieuw onderzocht  gratis te downloaden.